De wijnbouw geschiedenis, tot hoe ver gaat die terug? Wijn, een drank die we bijna niet meer kunnen wegdenken. De drank is heel bekend onder de Nederlanders, Belgen, Fransen en de andere West-Europeanen. Hoe is de drank ontstaan en hoe is die drank hier gekomen? Op die twee vragen ga ik een antwoord zoeken.

Geschiedenis van de wijnbouw

Het begin

Egupte en wijnWijnbouw is in het gebied ontstaan wat we de Kaukasus noemen, in Mesopotamië en in het Nabije Oosten. In de Kaukasus claimt Georgië het oudste wijnland ter wereld te zijn met haar wijnbouwtradities die zevenduizend jaar terug gaan. De geschiedenis van de wijnbouw is begonnen op het moment dat men erachter kwam dat gerijpte kruipplanten een roes konden veroorzaken. Door te veredelen en de planten te geleiden werden de resultaten beetje bij beetje beter. De wijnbouw breide zich steeds verder uit naar de omliggende gebieden, richting Fenicië onder andere. Maar ook werd de wijn steeds populairder in het Oude Griekenland. Het rijk van de Grieken en Feniciërs liep langs de kusten van de Zwarte- en Middellandse Zee, daar werden dan ook veel druiven verbouwd voor de wijnbouw.

Wanneer de wijnbouw precies is geïntroduceerd buiten het gebied wat we nu kennen als Georgië dat is niet bekend. Wel wordt wijn op talloze plaatsen in de Bijbel vermeld, dus we kunnen wel stellen dat de wijn al 2000 jaar buiten dat gebied bekend is. Wijn wordt bijna altijd als positief benaderd in de Bijbel. Een van de meest bekende uitspraken over wijn in de Bijbel is het veranderen van Jezus van water in wijn.

Romeinse beschavingsdrang

Voor de verdere verspreiding van de wijn zijn de Romeinen verantwoordelijk. Vrijwel alle klassieke wijnbouwgebieden hebben de wijnbouw te danken aan de Romeinen, van Bordeaux tot de Moezel, de Romeinen hebben dit tot stand gebracht. De Romeinen waren de eersten die wijnen namen gaven. De wijnen die gemaakt werden, werden wel met primitieve middelen op smaak gebracht. De kennis van het maken van wijn was op dat moment op een veel lager niveau dan dat we nu kennen. Hoe men op een natuurlijke wijze de wijn deed conserveren was toen nog niet bekend. Toevoegingen van honing, kruiden of hars bood vaak een uitkomst.

Monniken

Monniken en wijnNa splitsing van het Romeinse Rijk was er in West-Europa een grote turbulente periode. Hunnen vielen overal in, complete volksverhuizingen en nog veel meer. De wijnbouw kende toen in tegendeel tot de rest van Europa een hele rustige periode. De enigen die actief bezig waren met de wijnbouw waren de monniken in kloosters. Wijn hoort immers bij de christelijke tradities en daarom bleef de wijnbouw in de Kloosters doorgaan. Voor monniken was het ook een soort heilige plicht om de wijnbouw bij te houden.

In de negende eeuw kwam de wijnbouw weer heel erg op gang. Keizer Karel de Grote was een groot wijnliefhebber die de wijnbouw weer op gang liet brengen. De bouw van nieuwe Kloosters werd gestimuleerd door de keizer. Door toename van de kloosters werd daarom ook de wijnbouw uitgebreider. De uitbreidingen van de wijngaarden vond voornamelijk in Duitsland en Frankrijk plaats. Vandaag de dag is één van de bekendste wijngaarden de Corton-Charlemagne, die is destijds aangelegd onder opdracht van Keizer Karel de Grote.

Weer wat later in de tijd van de monniken droeg de opkomst van de steden en burgerij weer mee aan de verdere bloei van de wijnbouw en handel ervan. Ook de tijdelijke opwarming van het klimaat in Europa hielp hier aan mee. De aanplant rond 1500 bereikte zijn grootste omvang en bereikte toen een record. In Duitslands waren er drie keer zo veel wijngaarden zoals we vandaag de dag hebben.

Schepen en flessen

Rond 1600 gingen Engelsen en Nederlanders zich bezig houden met de internationale handel, wijn was ook een van die handelswaren. Engelsen en Nederlanders gingen bepalen wat voor wijn elke streek moest gaan produceren. Bekende namen zoals Cognac, Bergerac etc. zijn destijds ontstaan.

Tot in de achttiende eeuw werd alle wijn getransporteerd en bewaard in houten vaten. De bewaarmogelijkheden waren ook heel beperkt, de fles bood een oplossing en zou daar verandering in gaan brengen. Flessen werden destijds alleen gebruikt bij wijnen van topkwaliteit. Flessen werden destijds nog met de mond geblazen. Met een keer goed blazen kon een glasblazer een fles vormen van ruim 75 centiliter, later is dit ook een standaardmaat geworden.

Tegenslagen en vooruitgang

In de negentiende eeuw kende de wijnbouw vele grote hoogtepunten en dieptepunten. Er waren veel plagen die zorgden voor dieptepunten. Vooral de druifluis in de laatste kwart van de negentiende eeuw zorgde voor een groot dieptepunt. De luis tastte de wortels zodanig aan dat de planten stierven. De enige oplossing was het opnieuw beplanten van Europese gewassen op Amerikaanse onderstokken.

Louis PasteurAls gevolg van de druifluis veranderde wijnbouw enorm in Europa. Hele gebieden verdwenen en andere gebieden werden weer opnieuw beplant. Veel gebieden werden ook ontwikkeld om schade te beperken als er weer zo’n epidemie zou gaan uitbreken. De negentiende eeuw is ook de eeuw van techniek en industrialisering, de groei van steden en de aanleg van spoorwegen maakten nieuwe behoeftes en die moesten vervult worden. Wijnen gingen niet meer in dezelfde regio in de verkoop maar konden nu ook op nationaal en internationaal niveau in de verkoop gaan. Ook werd in de negentiende eeuw de grondslag gelegd voor de vinificatie zoals we het nu kennen. De Franse geleerde Pasteur maakte van de vinificatie een wetenschap en legde vele ontdekkingen vast.

Moderne tijd

Door de ontdekkingen van Pasteur werd de wijn heel sterk ontwikkeld. Dankzij betere wijngaard beheer zijn de opbrengsten flink gestegen. In de wijnkelders is door het gebruik van roestvrij staal en het gebruik van temperatuurcontrole de kwaliteit van de wijnen ook flink gestegen. Tegenwoordig is er in Australië, Chili, Californië en Frankrijk een hele serieuze wijnindustrie.

In Europa en daarbuiten hebben de wijnboeren te kampen met klimaatveranderingen, hogere temperaturen en dergelijke veranderingen. De vraag is of dit een tijdelijk verschijnsel is of voor langere tijd blijft. In de geschiedenis zijn er vaker warmere en koudere periodes geweest met ingrijpende gevolgen. De huidige stijging van de temperaturen leiden tot vroeger oogsten en een hogere alcohol hoeveelheid in de wijnen.